Oud Nijkerk 2011-3

Callenbach. Wat een boeken! 5 Auteurs

door: Foppe Witzel

In deze artikelenserie is al een aantal schrijvers ter sprake gekomen.
Van de duizend auteurs die in de Callenbachverzameling van Oud Nijkerk voorkomen, zijn er zo’n 750 auteurs die niet meer dan één of twee boekentitels hebben aangeleverd. Van zo’n 100 schrijvers bezit Oud Nijkerk drie of vier titels en ook 100 auteurs zijn vertegenwoordigd met vijf tot tien titels.
Het aantal auteurs van wie meer uitgaven aanwezig zijn is dus niet zo groot en betreft voornamelijk kinderboekenschrijvers.
Ik noem enkele namen van auteurs vanaf de dertiger jaren van de vorige eeuw.
C.M. van den Berg-Akkerman (1906-2008): 22 titels. ’De stunt van klas 6’ is haar bekendste boek.
Co van der Steen-Pijpers schreef de Barendje-serie (9 delen) en Coby Bos-Goethart de serie Maud en Rik (15 delen).

M.A.M. Renes-Boldingh was onderwijzeres. Zij schreef romans en kinderboeken. Haar boek ‘Van een kleine jongen en een grote hond’ werd 7 maal herdrukt.
Corry Blei-Strijbos met o.a. de serie Mark en Annet.
Van C.Th.Jongejan-de Groot (1899-1980) bezit Oud Nijkerk 50 titels. Zij schreef veel kinderboeken voor alle leeftijden. ‘Greetje-Margriet’ en het vervolg ‘Greetje-Margriet wordt Margriet’ was haar zelf het liefst.
Nel Verschoor-van der Vlis(1909-1996) woonde haar hele leven in Vlaardingen, waar zij onderwijzeres was. Zij is in onze verzameling ook goed vertegenwoordigd met bijna 40 titels, waar soms tot wel 7 herdrukken van verschenen (o.a. Herrie-Let.).
Max de Lange-Praamsma noemde ik al eerder met haar jeugdserie Goud-Elsje. Een echte serie kinderboeken was Marlieske (10 delen).

Klaas van der Geest was zeeman en later schrijver. Hij schreef spannende jongensboeken, waaronder de ATO-reeks (Avontuur, Techniek en Ontspanning). Deze boeken werden ook in het Zuid-Afrikaans vertaald.

Klaas Norel (1899-1971) werd als oudste zoon van een eenvoudige veehouder geboren in Harlingen. Hij mocht doorleren en ging naar de ULO. Toen hij 14 jaar was stierf zijn vader en moest hij zijn studie opgeven. Op jonge leeftijd vertrok hij naar Enkhuizen, waar hij kantoorbediende werd. Na zijn militaire dienst werd hij verslaggever van De Vrije Westfries en later correspondent van De Standaard en De Spiegel.
In 1935 verscheen zijn eerste boek voor de jeugd ‘Land in zicht!’ dat handelde over de drooglegging van de Zuiderzee. Het was een succes. Zijn roman voor ouderen ‘Het getij verloopt’ met hetzelfde onderwerp werd ook goed ontvangen.

In de oorlogsjaren raakte hij al vroeg in het verzet. Hij werkte voor het illegale Trouw. Aanvankelijk combineerde Norel zijn journalistieke werk met het schrijven van boeken. Hij schreef zowel voor de jeugd als voor volwassenen. Na de oorlog koos hij definitief voor het schrijversschap. Dat deed hij 35 jaar lang. Hij bouwde een oeuvre op van 160 titels. Grotendeels handelend over Holland en het water. Daarbij waren veel historische boeken.
Hij maakte grote reizen om inspiratie op te doen. Zo bezocht hij Amerika en Canada. Voor het verzamelen van feiten voer hij mee op vissersschepen, schepen van de grote vaart en marineschepen.
Veel van zijn boeken werden uitgegeven door Callenbach. Oud Nijkerk bezit 50 verschillende titels ( 100 boeken) van Klaas Norel. Jongensboeken als ‘Die kwajongens!’, ‘Houen, jongens!’ en ‘O 16’ werden vele malen herdrukt.

Cor Bruijn (1883-1978), geboren in Wormerveer als zoon van een kruidenier, ging naar de Rijkskweekschool in Haarlem. Hij werd onderwijzer in Laren en schoolhoofd in Hilversum. Hij was actief bij de ontwikkeling van de Jenaplanscholen. Grote bekendheid kreeg hij als schrijver van christelijke jeugdboeken en streekromans.
Zijn bekendste boek was ‘Sil de strandjutter’. Dit boek verscheen in enorme oplagen en werd in 1976 verfilmd en als televisieserie bij de NCRV uitgezonden.
Andere bekende boeken van Cor Bruijn zijn ‘Arjen’ en ‘Strijd om den Eenhoorn’. Deze boeken zijn fraai uitgegeven met prachtige illustraties van Anton Pieck.
Een kinderserie van deze schrijver is: ‘Niels Eira en zijn kinderen’ ( 3 delen). Er zijn bijna vijftig boeken van Cor Bruijn aanwezig in de collectie van Oud Nijkerk.

Anne de Vries (1904-1964) werd in Assen geboren in een kinderrijk gezin met een strenge vader. Hij bracht zijn jeugd door op een oude boerderij, eenzaam gelegen op het veld.
Anne werd onderwijzer. Na een paar jaar in Drenthe gewerkt te hebben op een christelijke school kwam hij terecht in Zeist bij het blindeninstituut Bartimeüs. Uit heimwee naar Drenthe begon hij te schrijven. Zijn eerste boeken verschenen bij Noordhoff in Groningen in een serie schoolboekjes Vrij en Blij.

In 1935 verscheen Bartje bij Callenbach in de Nobelreeks. Het boek kreeg een overweldigende publiciteit. Door het succes van Bartje steeg het aantal abonnementen van de Nobelreeks enorm, van 5000 naar 30.000. In 1972 werd het boek verfilmd tot een televisieserie door Willy van Hemert.
De Vries nam ontslag bij het onderwijs en ging leven van de pen. In 1939 verscheen bij Kok in Kampen het Groot vertelboek voor de bijbelse geschiedenis. Uitgeverij Van Goor gaf een serie leesboekjes voor de lagere school uit over Jaap en Gerdientje en bij Callenbach volgden de Drentse romans Hilde en Bartje zoekt het geluk.
In 1940 verhuisde Anne de Vries met zijn gezin naar Hooghalen in Drenthe. In de oorlog kwam hij daar in contact met het verzet. Hij ontmoette Johannes Post en schreef na de bevrijding diens levensroman. In Reis door de nacht, oorlogsgeschiedenis voor de jeugd in vier delen, zijn veel persoonlijke herinneringen verwerkt. De boeken worden nog altijd gelezen.
Voor de studiemogelijkheden van de kinderen keert het gezin na de oorlog terug naar Zeist.
In 1952 vertrekt Anne De Vries in opdracht van de regering voor een jaar naar Suriname om een leesmethode samen te stellen. Zijn verblijf in dit land inspireert hem tot een kinderboek, Dagoe, de kleine bosneger. Ook de trilogie Kinderen van het oerwoud, over Panokko, is op zijn Surinaams verblijf geënt.
In 2010 brengt één van zijn zonen een biografie over zijn vader uit met als titel: ‘Een zondagskind. Biografie van mijn vader’ door Anne de Vries jr.
Van Anne de Vries zijn 164 boeken aanwezig bij Oud Nijkerk ( 53 verschillende titels).

Als laatste in de rij van auteurs van Callenbachboeken noem ik schoolmeester, pedagoog, verteller en sterauteur van kinderboeken Willem Gerrit van de Hulst. Geboren in 1879 als zoon van een steenhouwer, werd hij in 1898 onderwijzer. Hij woonde en werkte zijn hele leven in Utrecht. Vanaf 1901 tot aan zijn pensionering was hij werkzaam aan de Diaconieschool aan de Jutfaseweg – ‘school der armen’ schreef hij later in zijn Herinneringen van een schoolmeester –. De school werd in 1908 verplaatst, heette sindsdien Hervormde Gemeenteschool en groeide uit tot een grote school.

Zijn eerste pennenvrucht was het opstel ‘De ziekenkamer’, gepubliceerd in het Maandblad voor letterkunde no. 2 in 1899. In 1909 verscheen Willem Wijcherts onder het pseudoniem Jan van de Croese (Hij woonde in de Croesestraat). In hetzelfde jaar werden twee uitgaven bekroond door de Nederlandsche Zondagsschoolvereniging: Ouwe Bram en Van een klein meisje en een grote klok. Vanaf die tijd verschenen jaarlijks boeken en artikelen van zijn hand. De meeste boeken werden uitgegeven bij Callenbach.
Zijn bekendste serie is Voor onze kleinen met 21 delen. Het waren boekjes voor 6 tot 8-jarigen, dus voor kinderen die net zelf konden lezen, met onvergetelijke titels als Fik , Van Bob en Bep en Brammetje, en Van de boze koster. Tientallen drukken verschenen tot in de 21e eeuw en de oplagen lopen tot in de honderdduizenden. Wie kreeg ze niet op het kerstfeest van de zondagsschool, samen met de sinaasappel?
Met D. Wouters schreef hij een leesmethode voor de lagere school: Lezen leren. In veel andere leesboekjes werden verhalen van Van de Hulst opgenomen.
In 1933 verscheen Rozemarijntje. In deze serie volgden nog 4 delen. Gebundeld als omnibus worden ze nog steeds verkocht en gelezen. De 28e druk van Rozemarijntje verscheen in 2010 als deel van de Nostalgiereeks junior samen met Jaap en Gerdientje door Anne de Vries.
De oudste zoon van Van de Hulst, ook een W.G., kon goed tekenen en toen er een dagelijks stripverhaal in De Standaard verscheen, waarvan de tekst door Van de Hulst Sr. werd verzorgd, tekende Van de Hulst jr. de illustraties. In de Soete Suikerbol werd in boekvorm vele malen herdrukt en naderhand in twee verzamelbundels uitgegeven. Vanaf die tijd werd Jr. de vaste illustrator van zijn vader. Willem G. van de Hulst Jr. werd beeldend kunstenaar en heeft ook zelf een aantal kinderboeken geschreven. Van Van de Hulst Sr. verschenen naast veel bekende kinderboeken zoals Jaap Holm en z’n vrinden, Niek van de bovenmeester, Peerke en z’n kameraden en Gerdientje, ook verhalenbundels: kerstvertellingen en voorleesboeken. Voor ouderen schreef hij: Om het kind en Stille dingen. Zeker moeten ook zijn kinderbijbels genoemd worden: één voor kleuters en één voor oudere kinderen.
Als een gevierd man overleed hij op 31 augustus 1963, 83 jaar oud.
Oud Nijkerk heeft ongeveer 630 boeken van W.G. van de Hulst in haar bezit.

Naar deel 6: Klik hier.